Go to top
Voor boeken altijd eerst naar De Slegte

Hubert Lampo

Lampo is in het Nederlandse taalgebied niet alleen een belangrijke grondlegger, maar tevens de met afstand bekendste exponent van het magisch realisme, een stroming die zich kenmerkt door de realistische weergave van 'bovennatuurlijke' verschijnselen, eigenschappen en gebeurtenissen. Magie, esoterie en het paranormale worden daarbij zodanig ongemerkt en geleidelijk een aanvankelijk alleszins realistische vertelling binnengesluisd dat de lezer, misleid als hij is door zijn vertrouwdheid met de door de schrijver opgeroepen setting en de zich daarbinnen afspelende handeling, zich van de meest wonderlijke ongerijmdheden pas werkelijk bewust wordt, lang nadat hij ze in wezen al voor zoete koek heeft aangenomen en geslikt.

Deze techniek op zich was weliswaar niet nieuw, want een schrijver als bijvoorbeeld H.G. Wells had er zich al vaak met succes van bediend, maar Lampo paste haar toe op een voor de Nederlandse literatuur vrijwel geheel nieuwe thematiek (het hier bewust bedoelde voorbehoud geldt enkele vroegere werken van Simon Vestdijk (De Kellner en de Levenden) en Ferdinand Bordewijk (Fantastische Vertellingen), die achteraf zonder twijfel tot het magisch realisme gerekend mogen worden).

De behendige en aanstekelijke manier waarop Lampo de techniek in zijn verhalen benutte en de wijze waarop hij gaandeweg zijn mysterieuze bruggen wist te slaan tussen historische motieven enerzijds en anderzijds de grote grabbelton aan thema's, waarvan er vele later een gemeenschappelijke noemer zouden vinden in de term "new age", gaven hem een uitgebreide lezerskring tot ver buiten de grenzen van de lage landen.

Het feit dat hij en Johan Daisne de enige echt uitgesproken vertegenwoordigers van het magisch realisme in ons taalgebied waren en dat Lampo van die beiden veruit de grootste lezerskring aan zich wist te binden, verschafte hem bovendien een plaats in de Nederlandse en Belgische school- en geschiedenisboeken en tientallen jaren prijkte zijn werk op vrijwel alle lijsten van verplichte lectuur in het voortgezet onderwijs.

Internationaal gezien was het magisch realisme geen stroming van slechts een of twee auteurs, aangevuld met een enkel boek uit het oeuvre van een paar collega's, maar kon Lampo rekenen op een publiek dat eerder al de Italiaanse auteur Massimo Bontempelli (die de stroming in 1937 haar naam gaf), en het achteraf als magisch-realistisch geduide werk van E.T.A. Hoffmann (Der goldene Topf, 1816), Edgar Allan Poe (Tales, 1840 en 1845), Gustav Meyrink (Der Golem, 1915), Alain-Fournier (Le grand Meaulnes, 1913) en H. Rider Haggard (She, 1887, The People of the Mist, 1894, The Wizard, 1896, Ayesha, 1905 en tal van andere titels) had omhelsd.

Lampo werd tot op hoge leeftijd met talrijke laureaten en prijzen geëerd, maar door veel literaire critici gaandeweg ook steeds vaker verguisd, enerzijds vanwege zijn stijl en anderzijds omwille van de vermeend naïeve manier waarop hij magie en realiteit in zijn werk vermengde. Terwijl hij met name in de jaren 60 en 70 met eer, roem en lof was overladen, zag hij zijn lezersschare nadien weer in een onthutsend tempo ineenschrompelen. Meest illustratief hiervoor is wel het feit dat hij op de lijst van de gedurende het jaar 2004 door Vlaamse bibliotheken meest uitgeleende auteurs al tot de 430e plaats was gedaald. Lampo maakte er overigens ook zelf bepaald geen geheim van dat hij zich door de allengs aanzwellende kritiek ten zeerste miskend en gekrenkt voelde.

Bron: Wikipedia

Algemene informatie

Overzicht titels Hubert Lampo