Go to top
Voor boeken altijd eerst naar De Slegte

Nescio

Jan Hendrik Frederik Grönloh werd op 22 juni 1882 in de Amsterdamse Reguliersbreestraat 49 geboren als oudste van vier kinderen van een eveneens Jan Hendrik Frederik Grönloh genaamde winkelier en smid en Martha Maria van der Reijden. Zijn roepnaam was Frits. Na zijn geboorte verhuisde het gezin naar Amsterdam-Oost, waar hij vanaf februari 1888 de openbare lagere school in de 1ste Van Swindenstraat bezocht en in 1894 naar de driejarige HBS ging aan de Mauritskade te Amsterdam. Van 1897 tot 1899 zat hij op de Openbare Handelsschool aan de Keizersgracht. Vanaf 1899 vervulde hij verschillende kantoorbaantjes, tot hij in 1904 in dienst van de exportfirma Holland-Bombay Trading Company trad en in de jaren daarna opklom.

Van 1901 tot 1903 was hij betrokken bij de idealistische kolonie "Tames", die hij met een aantal vrienden had opgericht in de buurt van Huizen. Dit in navolging van de kolonie Walden, opgericht door Frederik van Eeden. Nescio was lid van de SDAP. Hij was dus duidelijk een idealist, al had hij zich in het dagelijks leven neergelegd bij de plichten van de moderne maatschappij.

De onbereikbaarheid van idealen was een belangrijk thema in zijn literaire werk. De vrienden van de "Tames" stonden model voor Bavink, Bekker en Kees Ploeger, die in het werk "Titaantjes" van Nescio een grote rol spelen.

In 1906 trouwde hij met Aagje Tiket. Het echtpaar kreeg vier dochters. Ze woonden eerst op de Ringkade, die later Transvaalkade ging heten, maar verhuisden verschillende keren binnen Amsterdam; naar de Laanweg in Noord, en de Middenweg en het Linnaeushof in Oost. Nescio verbleef ook enige tijd aan de Achterweg 22 in Groet.

In zijn werk speelt Amsterdam een belangrijke rol, denk alleen al aan de openingszin van De uitvreter: Behalve den man, die de Sarphatistraat de mooiste plek van Europa vond heb ik nooit een wonderlijker kerel gekend dan den uitvreter.

Nescio kon zich nogal opwinden over de veranderingen in de stad. In het emotioneel geladen slot van De uitvreter wordt in een bijzin nog stelling genomen: Den winter bracht i in Amsterdam door, waar ze druk bezig geweest waren, mooie huizen af te breken en er leelijke voor in de plaats te zetten, al tobbende. Behalve de stad Amsterdam speelt ook het platteland rondom de hoofdstad en rondom Nijmegen een zeer belangrijke rol in Nescio's werk. Zijn beschrijvingen van het weer, de natuur en het landschap van dit gebied vormen een belangrijk deel van zijn literaire nalatenschap.

Nescio overleed op 79-jarige leeftijd in ziekenhuis Zonnestraal te Hilversum en werd begraven op de Nieuwe Oosterbegraafplaats in Amsterdam. Hoewel hij in 1954 de Marianne Philipsprijs ontving volgde pas na zijn dood werkelijke erkenning voor zijn belangrijke bijdrage aan de Nederlandse literatuur.

Bron: Wikipedia

Algemene informatie

Overzicht titels Nescio